
Negentig jaar leden waar de Poerdersramp en ferdronken fier Luwters
Op woensdeg 25 septimber 1935 foltrok him de later soa noemde Poerdersramp op de Waddensee in de Westhoek en bij Kehoal. Feertyn mânly út Luwt hadden fissersboaten huurd om die dâg te skarpoeren, ‘n form fan sportfissen. Sij foeren de offens froeg bij opkommend tij de rustige Waddensee op maar worden na tienen ferrast deur ‘n inenen opstekende noordwesterstorm. Ondanks de rêdingspogings met gefaar foor aigen leven fan ses Westhoekster fissers en rêders bij Kehoal ferdronken fier poerders, twee op see in de Westhoek en twee bij Kehoal. Op inisjatyf fan Streekbelang Oost- en Westhoek, dat in 2010 50 jaar beston, worde op saterdeg 25 septimber 2010 op de seedyk in de Westhoek dat doe 75 jaar leden fait as niet te fergeten herinnering sichtber maakt met ‘n deur beeldend kûnstner Marco Goldenbeld fan de Ouwe-Dyk ônder St.-Jabik ontwurpen gedinkteken. Nou is de Poerdersramp negentig jaar leden.
Deur Leendert Ferwerda
‘t Gedinkteken worde ontbloat deur de 91-jarige Fokke Wallendal. Syn hait Tjisse en syn broer Jan gongen in 1935 ok met de see op om de in noad ferkerende poerders te rêden. Fokke, doe 16 jaar, wou ok met en hij sat al in de boat, fertelde hij later. Maar syn hait fon him te jong, want nou met de see op waar gefaarlik. Op ‘t gedinkteken staan de woorden fan Sytse Buwalda: Rustige Waddenzee Dochs onbetrouber Poerdersramp, de namen fan de fier ferdronken Luwters en de namen fan de ses Bildtse rêders. Met ‘n spesjale útgave fan ‘t streekblâd Op ‘e Rolling worde in 2010 andacht geven an de Poerdersramp, met derin opnommen ‘t ferslag in de Luwter krant fan 26 septimber 1935 over wat d’r ‘n dâg eerder op de Waddensee gebeurd waar. Dat ferslag folgt hier foor ‘n groat part.
De Ramp aan de Friesche kust
Vier Leeuwarder ingezeten verdronken. Ze werden bij het visschen in zee door den Noordwesterstorm overvallen. De lijken van twee hunner aangespoeld. Heldhaftige kustbewoners redden amateur-visschers. Gisteren heeft zich aan Friesland’s Noordkust, onder de gemeente Het Bildt en Barradeel, ten gevolge van de storm een ramp voorgedaan die aan vier bewoners van Leeuwarden het leven kostte. Daar aan de kust bij den Westhoek en ook enkele kilometers meer naar het Zuidwesten bij Koehool onder Tzummarum bestaat de gelegenheid voor amateur-visschers tot het huren van bootjes met toebehoren, waarin zij ongeveer 50 à 60 meter uit de kust poeren op schar.
Wat aan den Westhoek gebeurde
Het weer lokte gisteren en reeds vroeg in den morgen togen gelegenheidsvisschers naar de verhuurders van de bootjes. Er waren twee groepen, een welke den Westhoek en een welke het gedeelte kust voor café Koehool aan den Dijkshoek uitkoos. Het was ongeveer 6 uur, toen aan den Westhoek onder St.Jacobi-Parochie een groepje amateurvisschers uit Leeuwarden en Huizum arriveerde en al spoedig in drie boten zee koos. In twee boten zaten twee en in de derde grootere boot vier personen. De zee was spiegelglad, wind was er zo goed als niet. Aan wal keken beroepsvisschers, dat zijn kustbewoners welke in het voorjaar van het haringvisschen hun beroep maken, zoo nu en dan naar water en lucht. Dat was om ongeveer 10 uur.
Plotseling opkomende storm
Weet een beroepsvisscher zich nog voor een plotseling, zonder voorafgaande waarschuwing, opkomende storm te bergen, de amateur-visscher zal daardoor worden overvallen. En dat nu geschiedde daar gistermorgen. Het spiegelgladde water veranderde in een kolkende, kokende massa. De ranke visschersbootjes werden als een bal heen en weer geslingerd. Wel hield een anker ze stevig op de plaats. Met angst en beven zag de bevolking aan den Westhoek, die reeds spoedig aan den dijk was samengestroomd, naar de poging van de visschers om de bootjes recht voor de wind en de golven te houden. Maar het was onbegonnen werk. Het was inmiddels 12 uur geworden en de toestand op zee was zoo, dat enkele beroepsvisschers besloten te trachten de menschen uit zee te halen.
Eigen leven op het spel
Het was de visscherman-arbeider Marten Kingma die daartoe het initiatief nam en met Tjisse Wallendal overeen kwam diens boot, de HB 6 Vrouwe Leentje, welke toegerust was met een aanhang motor te gebruiken. De boot lag binnendijks en werd door ongeveer zestig man over den dijk gebracht. Zes man, t.w. Marten Kingma, Johannes Tjepkema, Jacob Tjepkema, Anne van Dijk, Jan Wallendal en Tjisse Wallendal stapten aan boord en de heldhaftige mannen zetten koers naar de grootste boot, waarin zich vier personen bevonden. Het kostte heel veel moeite dichterbij te komen, maar toen verrichtten Van Dijk en Jacob Tjepkema een waagstuk, waarbij hun eigen leven op het spel stond. Ze sprongen over in de groote boot en hebben die vervolgens met de vier visschers behouden aan den wal gebracht.
Leeg bootje
De overgebleven vier redders zetten koers naar een der kleinere bootjes, maar tot hun groote ontsteltenis was dit leeg. Toen ging het op het tweede bootje af, maar in de nabijheid sloeg de motor af. Maar dra stuurden ze met de vaarbomen hen weder in de goede richting (in ‘t Bildts: se kloetten der hine). Eindelijk gelukte het Kingma, die voorop de boot lag, de boot van de twee visschers, die verstijfd van de kou op de bodem van hun bootje lagen, beet te pakken. Het waren de Leeuwarders F. Toonstra en S. Barendsma. Ze werden aan wal liefderijk door de familie A. G. van Tuinen opgenomen en na een onderzoek van dr. Koopmans van St.Jacobi-Parochie, onder den wol gestopt. Het andere bootje was bemand geweest met de kapper Bruin Frederik Barendsma (43) en Jacob Verf (28), eigenaar van café De Jonge Bontekoe.
Dappere mannen onder Koehool
Tezelfdertijd was ook onder Koehool een groepje dappere mannen bezig, omdat zich daar eenzelfde rampspoedige gebeurtenis voltrok. Ook hier lagen drie visschersbooten op het wad, elke boot met twee personen. Een van deeze booten met Hendrik Radelaar (34) en Bernardus Tromp (28) sloeg om en beide Leeuwarders verdronken. De inzittenden van het tweede bootje waren Geert van Dijk (29) en Ferdinand Harm Hoppe (41). De eerste sprong overbood en wist zwemmende den wal te bereiken en dat probeerde ook Hoppe. Dat zagen aan wal T. K. Bonnema, A. Groeneveld en A. D. Hoekstra. Zij namen een vaarboom mee om de drenkeling toe te steken. De drie moedige redders sleepten hem aan wal en hij werd in het café Koehool van den heer W. Heeringa ondergebracht.
Nog twee scharpoerders gered
De Harlinger reddingsboot, gewaarschuwd door den landbouwer Arjen Wassenaar uit de Westhoek, was uitgevaren, maar passeerde te ver uit de kust en kon de visschersbootjes, die zich dichter onder de kust bevonden, niet ontdekken. Toen zaten twee visschers, M. Ferwerda (51) en E. Van Dijk (54) nog in hun bootje op zee. Ook hier werd toen een boot over den dijk gebracht en bemand door K. T Bonnema en T. Kramer uit Tzummarum en I. R Visser en E. Wagenaar uit Oosterbierum. Aan deze kranige kerels gelukte het de beide scharpoerders bij aflandig tij aan wal te brengen. Barendsma en Radelaar spoelden aan bij Koehool, Jacob Verf en Bernardus Tromp later op Ameland. Als bijzonderheid kan nog worden gemeld dat het horloge van Barendsma op 11 uur was blijven staan.
Medally niet ophaald
De gemeente ‘t Bildt regelde foor de ses Bildtse rêders de medally fan ‘t Carnegie Heldenfonds en d’r laai ok ‘n kefet met sinten foor hur klaar, want se mosten ‘t sels ophale in ‘t gemeentehuus in St.-Anne. En, in dúdlik Bildts, dat ferdomden se. Fan de Luwter femilys kregen se ‘n tebakspot met segaren, der’t in de femily Kingma nag de tebakspot bewaard bleven is. De frôly fan de rêders kregen ‘n kop en pântsy. Doe’t in De Utwyk op Nij Altoena in 2017 ‘t deur Sytse Buwalda skreven teneelstik over de Poerdersramp opfoerd worde, waar die tebakspot der te sien danksij nasaat Marten Kingma.
Op ‘t gedinkteken in de Westhoek staan de namen fan de fier ferdronken Luwters en de namen fan de ses Bildtse rêders. Maar niet de namen fan de mannen die’t bij Kehoal (doe Barradeel) Luwter poerders rêdden. Twee ferdronken op see in de Westhoek en twee bij Kehoal. Dat die Barradeelster rêders niet op ‘t gedinkteken fan de Poerdersramp staan geeft nag altyd ergewasy.
